Zoeken
  • Nienke van Wanroij

Anders leren

Bijgewerkt op: 23 feb.

Op mijn website en in mijn blogs heb ik het vaak over allerlei manieren van communiceren. Ik geef hierbij ook geregeld aan dat ik mij middels de kernvisiemethode bezig houd met leerproblematiek. Ik denk dat het tijd is om hier wat dieper op in te gaan.


Communiceren betekent niet alleen dat iemand een boodschap uitzendt, het is ook de bedoeling dat iemand anders de boodschap ontvangt en ook begrijpt. Dit is in het onderwijs niet anders. De leerkracht geeft de leerstof aan en legt de leerstof uit, echter is niet ieder kind in staat om deze boodschap ook te begrijpen. Dit heeft lang niet altijd met de intelligentie van het kind te maken. Zo’n 25% van alle leerlingen in het basisonderwijs heeft een manier van leren die anders is dan de manier van leren van de andere 75%. Deze minderheid van de leerlingen maakt vooral gebruik van een visuele of kinesthetische leerstijl. In de volksmond worden zij ook wel beelddenkers genoemd. Zoals de naam al doet vermoeden zijn dit kinderen die vooral in beelden denken. Dit is ook meteen hun grote kwaliteit. De huidige maatschappij voedt deze kinderen ook, door het sterk vermeerderde beeldschermgebruik.


Soms heb je als volwassene van die woorden, waarbij je twijfelt hoe je het moet schrijven. Een woord waar ik bijna altijd over twijfel is het woord verrassing/ verassing. Om erachter te komen wat de juiste schrijfwijze is, zonder google te gebruiken, schrijf ik beide manieren op, en zie ik welk “woordbeeld” klopt. Een beelddenker wil ook het liefst gebruikmaken van deze woordbeelden, echter de woorden worden vaak spellend aangeboden. Dit is voor iemand die vooral graag het totaalbeeld ziet, heel lastig. Zoals al eerder geschreven, zijn deze kinderen heel goed in staat om beelden in hun hoofd te zetten. Één van de grondbeginselen van de kernvisiemethode is dan ook het aanleren hoe je woordbeelden in je hoofd kunt zetten. En misschien net zo belangrijk: hoe je foute woordbeelden uit je hoofd kunt halen. Dit kost tijd en energie van zowel het kind als de ouders. Maar hiermee leg je wel een basis voor spelling en leesvaardigheid.


Ook zie je vaak bij beelddenkers een probleem bij onder andere getalsbegrip en automatiseren van sommen. De Nederlandse taal zit onlogisch in elkaar bij getallen. Waarom spreek je 68 uit als achtenzestig en niet als zesentachtig, je ziet per slot van rekening eerst de 6. En dan wordt het bij honderdtallen nog onlogischer, waarom zeg je bij 786 eerst het eerste getal, vervolgens het laatste getal en dan pas het middelste getal. Voor de meeste volwassenen is dit heel logisch, maar voor een beelddenker niet. Het benoemen van cijfers zal met behulp van een getallentabel geoefend worden, waarmee ook weer een beeld in het hoofd gezet kan worden.


De o zo belangrijke sommen tot twintig en de tafels kunnen net als woorden als een beeld in het hoofd gezet worden. Voor de tafels geldt soms ook dat de link met tafel waar je aan kunt eten uit het hoofd gehaald moet worden.


Kinderen en volwassenen hebben verschillende leerstijlen met ieder hun eigen kwaliteiten. Wanneer een kind anders gaat leren en gebruik gaat maken van deze kwaliteiten, kan het een beste basis leggen voor het verdere leren.

25 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven